Divali

Divali

Divali is een vrolijk Hindoefeest en, net als Holi, een seizoensfeest; maar nu in de herfst. Oorspronkelijk was het een oogstfeest. Divali komt van het woord Dipavali, dat een rij lampjes betekent. Tegen de schemering steekt men in iedere kamer van het huis, en als het klimaat het toelaat ook buiten op het pad of op het dak, kaarsen aan. Divali is gewijd aan Maha Lakshmi, de godin van het licht, de voorspoed, het geluk, het succes, de wijsheid en de welvaart. Het wordt gevierd tijdens de nieuwe maan in de maand Asvin. Bij het Divali-feest gaat het om de goede dingen die het kwade overwinnen: het licht wint het van de duisternis, de warmte van de kou, de waarheid van de onwaarheid en de reinheid van de onreinheid.

Voor Divali moet het huis brandschoon worden gemaakt. Een week lang eten Hindoes geen vlees en drinken geen alcohol. Zo maken ze zich van binnen schoon. Ze wassen zich grondig en trekken nieuwe kleren aan. Dan wordt in de stikdonkere nacht van de nieuwe maan het hele huis verlicht met diya’s. Dat zijn aarden schoteltjes met geklaarde boter als brandstof en een katoenen pitje. De oudere vrouwen van de families voeren voor de deur een plechtigheid uit. Ze bidden tot Lakshmi en vragen de godin het huis te bezoeken. De hele nacht branden er diya’s, lampjes, kaarsen, fakkels en elektrische lichtjes, zodat Lakshmi het huis goed kan vinden. Door al die lichtjes wordt ook het innerlijk van de mensen verlicht. Iedereen krijgt het gevoel met een schone lei opnieuw te kunnen beginnen.

Reageren is niet mogelijk.